Laatste Nieuws:

 

(geplaatst 10 december 2009) 

Nieuw boek Marinus van den Berg

In september 2009 is het nieuwste boek van Marinus van den Berg verschenen. Lees hieronder meer over "Rouwen in de tijd".

www.uitgeverijtenhave.nl/component/option,com_books/task,book/id,4332/Itemid,39/

 *****************************************************************************************

(geplaatst 10 december 2009)

Bijeenkomst werkgroep Hersentumoren

Op 6 februari 2010 organiseert de Werkgroep Hersentumoren van Cerebraal een bijeenkomst voor nabestaanden van getroffenen met een hersentumor. De bijeenkomst zal plaatsvinden in Maarn en is toegankelijk voor Cerebraalleden en niet-leden. In de ochtenduren zal Marinus van den Berg spreken over 'Doorleven nadat je dierbare aan een hersentumor is overleden'. Hij is een autoriteit op het gebied van rouwverwerking en heeft diverse boeken over dit onderwerp geschreven. In de middag is er gelegenheid om met elkaar in gesprek te gaan. Opgave (voor 10 januari) en nadere informatie: johndebruin@cerebraal.nl

*********************************************************************************************

(geplaatst: 13 april 2009)
Radioprogramma Uit de weg - RTV Oost


Tijdens de ontmoetingsdag van 12 april jl. heeft RTV Oost een bezoek gebracht en gesproken met een aantal mensen over de invulling van deze dag.
Klik http://www.rtvoost.nl/radio/Default.aspx?uid=106759 om het radioprogramma te beluisteren. 

**************************************************************************************************

Tijdschrift Vriendin - Inpakken; afscheid van een grijs verleden

Isabel (32) verloor haar partner.

“Op mijn zestiende ontmoette ik hem in een discotheek: Martijn. Hij was zes jaar ouder. We waren op slag verliefd en op mijn 23ste gingen we samenwonen. Ik was ervan overtuigd dat hij de liefde van mijn leven was en dat we samen oud zouden worden. Maar het liep anders. Martijn werkte als accountmanager en moest regelmatig een paar dagen naar het buitenland. In die bewuste week dat mijn leven voorgoed zou veranderen, ging hij naar Duitsland. Op de dag dat hij wegging, kreeg ik op mijn werk goed nieuws: ik kreeg promotie! Ik was assistent vestigingsmanager bij een uitzendbureau en zou vestigingsmanager worden. Dolblij belde ik Martijn op. Hij was blij met mijn nieuwtje. We hingen weer op en ik ging ’s avonds naar vrienden. Rond middernacht kwam ik weer thuis. Ik zag dat er gebeld was door een onbekend nummer op onze huistelefoon. Dat vond ik vreemd, wie belde er zo laat nog? Ik dacht dat het Martijn was geweest en probeerde hem te bellen, maar zijn mobiele telefoon stond uit. Kort daarna kreeg ik een telefoontje van de Duitse politie. Martijn had een ernstig auto-ongeluk gehad en lag in kritieke toestand in het ziekenhuis. Ik schrok enorm. Ik heb mijn en zijn ouders gebeld en we zijn diezelfde nacht nog naar Duitsland gereden. We hebben een taxi genomen, want niemand van ons was in staat om negen uur lang naar Zuid-Duitsland achterelkaar te rijden. We waren allemaal zo geschrokken en bang wat ons te wachten stond. Eenmaal aangekomen in het ziekenhuis herkende ik Martijn bijna niet. Verschrikkelijk. Zijn hele lichaam en gezicht waren opgezwollen. Zijn longen waren zwaar beschadigd en hij lag aan de beademing. In de dagen daarna kwamen ook andere familieleden om en om naar Duitsland, onder wie mijn broer en Martijns twee zussen en drie broers. Twaalf dagen lang is Martijn buiten bewustzijn gehouden, maar hij heeft het niet gered. Hij stierf toen wij met z’n allen in zijn kamer waren. De functies van een aantal organen vielen geleidelijk uit en ik zag hoe hij zijn laatste adem uitblies. Een gevoel van machteloosheid overviel me. Van de politie hoorden we hoe het ongeluk van Martijn was gebeurd: hij was met zijn auto in de berm geraakt en probeerde eruit te komen. Hij raakte daardoor in de slip, kwam op de andere weghelft terecht en werd aangereden door een vrachtwagen. Martijn was dertig jaar. Hij stierf twee dagen voor zijn verjaardag. Na zijn dood voelde het alsof een aardbeving had plaatsgevonden in mijn leven: niets was meer hetzelfde. Alles in mijn leven was met hem verweven: onze vrienden, familie en ons huis. Ik was niet alleen hem kwijt, maar ook mijn toekomst. En mezelf. Ik herkende mezelf soms niet meer. Ik kon zó emotioneel op bepaalde dingen reageren. Sommige mensen zeiden goedbedoelde opmerkingen tegen me zoals: ‘Je bent nog jong, je hebt nog een heel leven voor je’. Maar dat voelde ik op dat moment helemaal niet zo. Ik kreeg allerlei lichamelijke klachten: haaruitval, gewrichtspijn en ik was ongelooflijk moe, echt compleet uitgeput. Door er veel over te praten met vrienden en familie en te huilen op de momenten dat ik tranen voelde opkomen, krabbelde ik langzaam maar zeker weer overeind. Op mijn werk waren mijn leidinggevenden en collega’s heel begripvol. De eerste maanden werkte ik maar een paar uurtjes per dag, daarna was ik doodop. Waar ik veel steun aan heb gehad, is de lotgenotengroep Jong-Partnerverlies. Het was zó fijn om te horen dat andere mensen hetzelfde hadden meegemaakt als ik. Lotgenoten begrepen mij. Nu zit ik in het bestuur van de groep. Ik doe weer van alles: ik zit in het bestuur van een volleybalvereniging. Ik heb een andere baan, als organisator van evenementen en werk fulltime. Ik probeer wat van mijn leven te maken, want elke dag telt. Ik heb de afgelopen jaren veel gereisd, naar Borneo, Zuid-Afrika, Mexico, Thailand, Kenia en Tanzania. Nog steeds ben ik soms heel verdrietig om Martijn, dat heb ik geaccepteerd. Ik woon nog steeds in hetzelfde huis als waar ik met Martijn heb gewoond, maar heb de inrichting wel veranderd. Ik heb op het moment geen relatie, maar sta daar wel open voor. Mijn vriendenkring is behoorlijk veranderd sinds de dood van Martijn. Sommigen zijn weggevallen, anderen zijn erbij gekomen. En ik heb nog meer geleerd door Martijns dood. Vroeger liet ik vaak de kaas van mijn brood eten, durfde niet altijd mijn mening te geven. Nu kan ik beter voor mezelf zorgen en kom ik voor mezelf op wanneer dat nodig is. Ik ben sterker dan ik dacht.”

Om privacyredenen zijn de namen Isabel en Martijn veranderd.

****************************************************************************************************

(geplaatst: 18-3-2007)

door Gertia Bredewoud

Midden in de nacht kreeg de 31- jarige Martine Hesselink, toen 25 jaar, een telefoontje. Haar vriend Peter was in Zuid-Duitsland betrokken geweest bij een ernstig auto-ongeluk. De vol­gende dag zat ze naast zijn zieken­huisbed, maar hij kwam nooit meer bij bewustzijn. Terwijl Marti­ne bleef denken 'het komt wel goed', overleed Peter na twaalf da­gen. Twee dagen voordat hij 31 zou worden. Op zijn verjaardag kwam hij naar Nederland, waar hij thuis in Borne werd opgebaard.

 

Jacqueline en Martine Twee jaar woonden ze samen en Martine had er nooit bij stilgestaan dat ze Peter zou kunnen verliezen aan de dood. Van die eerste perio­de, net na zijn overlijden, is ze veel kwijt. „ Je bent zo aan het overle­ven. Ik heb zelf het gedachtenis­prentje verzorgd, de kerkdienst.
Achteraf denk ik: hoe heb ik dat al­lemaal gedaan? Gelukkig kreeg ik veel steun van familie en vrien­den."
De dagen na Peters dood en de be­grafenis gingen in een roes voorbij.
Daarna begon 't pas, vertelt Marti­ne. Ze moest al snel allerlei bank­en hypotheekzaken regelen. „In die beginperiode heb ik heel veel din­gen op mijn gevoel gedaan. Mensen vroegen op een gegeven moment bijvoorbeeld of het niet eens tijd werd de spullen van Peter op te rui­men. Een tante van mij had me aan­geraden op mijn gevoel te vertrou­wen en dat heb ik sinds die tijd ge­daan."
Jacqueline Jans en Martine Hesslink begeleiden lotgenoten. Foto Rikkert Harink. Bron Tctubantia.nl  

 

Martine herinnert zich ook nog goed hoe moeilijk ze het vond om te merken dat mensen haar anders gingen behandelen. Sommige be­kenden schoten snel een winkel in als ze haar zagen. Anderen probeer­den, met de beste bedoelingen, haar leed te verzachten met opmer­kingen als: 'je bent nog jong' en 'ge­lukkig hadden jullie geen kinde­ren'.
Nu, zes jaar later, gaat het goed met Martine Hesselink. Al overvalt het verdriet haar soms nog op onver­wachte momenten. „Het zit in de kleine dingen. Een bepaalde geur, een liedje op de radio."
Ze woont nog steeds in hetzelfde huis dat ze ooit met Peter kocht.
Een relatie heeft ze niet. „Ik ben een heel anders mens dan zes jaar geleden. Toen liet ik me vaak een beetje leiden. Nu bepaal ik zelf wat ik doe. Uiteindelijk ben ik er rijker van geworden, maar ik heb er wel de hoofdprijs voor moeten beta­len."
Die woensdagavond, vijf jaar gele­den, hadden ze nog gezellig met z'n drietjes zitten praten. De Hengelose Jacqueline Jans (nu 43), haar man Erik (39) en haar zus. Toen Jacqueli­ne naar bed ging, kroop Erik nog even achter de computer. Om drie uur 's nachts werd Jacqueline wak­ker. Haar zoontje van vier huilde omdat hij in bed had geplast. Jac­queline zette hem onder de douche, verschoonde zijn bed en liep naar beneden om het natte bed­dengoed in de wasmachine te doen. Ze verwachtte haar echtge­noot achter de computer aan te tref­fen en dacht: „Ik zal die gek eens een schop onder zijn kont geven."
Het was muisstil beneden. Toen ze de deur van de bijkeuken open­deed, zag ze haar man op de grond liggen. „Hij was blauw en zijn bril was kapot."
Jacqueline weet nog dat ze dacht: „Dit was 't dan..." Vreemd genoeg deed ze eerst nog de was in de ma­chine, waarna ze een tijdje met een handdoek over haar hoofd door de bijkeuken ijsbeerde. Uiteindelijk bel­de ze de huisarts, die zei dat zo'n jonge man onmogelijk zomaar dood kon gaan. Maar toen hij kwam, kon hij niet anders dan Eriks dood constateren. Een hartstil­stand vermoedde hij. De buren hiel­pen Erik op de bank te leggen.
Pas de volgende ochtend vertelde Jacqueline haar zoon en dochter, die toen vier en acht waren, wat er was gebeurd. Het eerste wat het jon­getje zei was: ' Papa mag niet met zijn schoenen op de bank!' Jacqueli­ne besloot de kinderen gewoon naar school te laten gaan - 'ik wilde ze dat heftige verdriet van iedereen besparen'- maar betrok haar kinde­ren wel meteen bij alles wat gere­geld moest worden. Zo koos haar dochter, samen met de begrafenis­ondernemer, de rouwkaart. Ook res­pecteerde Jacqueline de wens van haar kinderen om Erik niet in huis op te baren. „Wij willen geen kou­de papa in huis", zeiden ze stellig.
De eerste keer na Eriks dood weer op het schoolplein staan, vond Jac­queline moeilijk. Net als boodschap­pen doen. „Erik deed dat altijd..."
Nu, vijf jaar later, hebben Jacqueli­ne en haar kinderen hun leven weer opgepakt. De kinderen gingen acht keer naar een praatgroep bij Meander in Rossum. Een nieuwe re­latie heeft Jacqueline niet. Over de dood van haar man zegt ze: „Het verdriet slik je door, maar het gaat nooit je lichaam uit.
De eerstvolgende bijeenkomst van de lot­genotengroep jong partnerverlies is op zaterdag 14 april en daarna zaterdag 10 november. Belangstellenden kunnen zich aanmelden via jong-partnerverlies@live.nl De leeftijdsgrens ligt rond de 50, 55 jaar. Voor oudere weduwen en weduw­naars is een speciale groep. Geadviseerd wordt niet te vroeg na de dood van een partner naar de lotgenotendag te gaan.
De bijeenkomsten worden gehouden in het St. Elisabeth-huis, Klooster Noord-Deurningen, Gravenallee 11 in Denekamp. Om negen uur is de ont­vangst, waarna rond half tien Marinus van den Berg, medeoprichter van de groep, een inleiding geeft. Volgens Mar­tine en Jacqueline is het gedeelte van Marinus van den Berg steeds weer het mooist van de dag, vinden ze allebei.
„Het knappe is dat iedereen denkt: dat gaat over mij!"
Voor informatie kan worden gebeld met voorzitter Henk op de Weegh, tel.
0541- 517343, of Meriam Horstink, se­cretariaat, tel. 0541-292861.
www.jong-partnerverlies.nl

Opmerking: dit artikel is ook gepubliceerd op www.tctubantie.nl. Zie link: http://www.haaksbergen.tctubantia.nl/101984/verdriet_zit_in_de_kleine_dingen

==========================================================================================